vrijdag 9 december 2011

Het zout der aarde

Jullie zijn het zout van de aarde. Als nu het zout zijn kracht verliest, waarmee zal het gezouten worden? Het deugt nergens meer voor dan om weggegooid en door de mensen vertreden te worden. (Mattheüs 5:13)


Soms blijken bekende zinnen iets anders te betekenen dan je altijd had gedacht. Nu overkomt mij dat regelmatig, en iedere keer wordt ik er weer enthousiast van iets in de Bijbel te ontdekken dat ik nog niet wist of anders wist. Dat overkwam me weer eens toen ik het boekje ‘The Cultural Dictionary of the Bible’ van John J. Pilch las. We doen even een testje: weet je – of denk je te weten – wat de uitdrukking ‘het zout der aarde’ betekent?




Ik dacht dat ik het aardig op een rijtje had: zout geeft smaak aan voedsel en weert het bederf. Zo, dat is toch een aardig stukje Bijbelse kennis, niet? Er zat wel gelijk een probleempje of wat aan vast. Want als Jezus dit tegen zijn leerlingen zegt, hoe zit dat dan met mij? Ben ik een smaakmaker in mijn omgeving? Wordt door mijn handel en wandel bederf in de wereld tegengegaan? Eeeehmmmm…… Eerlijk gezegd heb ik soms meer het idee dat ik thuishoor in de categorie waar niks meer mee te beginnen valt dan het op de weg te gooien om vertreden te worden. Maar goed, laten we die bespiegeling even laten voor wat-ie is en ons beperken tot de vraag: klopt de algemeen gangbare interpretatie van smaakmaker / bederfwerend middel wel?



John Pilch drukte me met mijn neus op het feit dat er iets ontbrak aan mijn kennis van de cultuur van de eerste eeuw in het Midden-Oosten. Daardoor lees ik deze tekst anders dan die waarschijnlijk bedoeld is. Pilch maakt duidelijk dat het Hebreeuwse woord ‘aarde’ of ‘land’ (arets) ook kan verwijzen naar ‘bodem’ (artsah) en via die link naar ‘oven’, omdat die vaak van klei werd gemaakt. Zoiets als ons woord ‘glas’: dat kan verwijzen naar de stof glas, maar ook naar het gebruiksvoorwerp waar wij uit drinken. Ter vergelijking: in het Arabisch heet een oven nog steeds ‘arsa’ (let op de gelijkenis).



In de hele regio en zelfs over de hele wereld werden en worden aarden ovens gebruikt. Ze bestaan over het algemeen uit twee compartimenten: één voor het vuur en één voor het te bakken product. Nu was hout vrij zeldzaam in de regio, de reden waarom de brandstof in deze ovens meestal bestond uit broodjes geknede mest van kamelen, runderen of andere dieren; dit was wel in overvloed aanwezig. Deze mest werd vermengd met … zout, dat als katalysator diende om het vuur goed aan de gang te krijgen. Bovendien werd de mest op een blok zout gelegd, dat het vuur na het aansteken gaande hield.

Om die reden, zegt Pilch, wordt zout in alle passages van het Nieuwe Testament waar het wordt gebruikt gezien in z’n functie van hulpstof bij het maken van vuur en niet in de functie van smaakmaker of conserveermiddel. Als het zout eenmaal zijn vermogen om als katalysator te fungeren heeft verloren, dient het nergens meer voor en kan het hooguit nog op een modderig pad gegooid worden om dat te versterken, zodat je erop kunt lopen. Zout verliest nooit z’n smaak, maar wel het vermogen als katalysator te dienen.

Het zout is wel goed, maar wanneer zelfs het zout zijn kracht verliest, waarmede  zal het smakelijk gemaakt (letterlijk: uitgerust) worden? Noch voor het land, noch voor de mesthoop is het geschikt: men werpt het weg. (Lucas 14:34,35)

Want in (het) vuur zal ieder gezouten worden (en elk offer zal met zout gezouten worden, {dit staat in sommige handschriften}). Het zout is goed. Indien echter het zout zoutloos wordt, waarmee zult gij het uitrusten? Hebt zout in jullie zelf en houdt vrede onder elkaar. (Markus 9:49,50)

Uw spreken zij te allen tijde in genade, met zout toegerust; gij moet weten, hoe gij aan een ieder het juiste antwoord moet geven. (Colossenzen 4;6)

In een conflict-gerichte maatschappij waar eer en schande van het allergrootste belang waren, was het juiste antwoord van veel groter betekenis dan in onze maatschappij. Spreek in genade. Maar wel genade waarin zout als katalysator aanwezig is. Jezus noemde de Farizeeën hypocrieten! Zijn leerlingen moesten zout in zichzelf hebben, maar onder elkaar vrede houden.

Wat mij betreft klinkt dit een stuk aannemelijker dan de gebruikelijke uitleg. En – een leuke bijkomstigheid – het verlost mij van een vaag knagend gevoel dat er soms iets in mijn leven toch niet helemaal klopt, aangezien ik nou niet bepaald altijd het toonbeeld van smaakmaker of bederfwerend ben …..


3 opmerkingen:

  1. Kees,
    Een mooie gedachte! Alleen het bijzondere van een katalysator is het feit dat de stof zelf niet gebruikt wordt en in die zin zijn kracht niet kan verliezen.
    Kennelijk kon dat in die tijd wel of verloor het op een andere manier zijn kracht.
    Groet,
    Siebe

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Dag Kees,
    Persoonlijk heb ik er een beetje moeite mee. Waarom zou het woord voor 'aarde', 'land' overal in de Schrift die betekenis hebben, behalve op deze plaats!?
    Want dan zouden we ineens aan een oven moeten denken.
    Waarom gebruikt de Heer dan niet het Griekse woord voor oven? Of is daar geen ander woord voor?
    Nu vind ik ook de uitleg van 'zout als conserveringsmiddel' geen slechte uitleg. Of er moet ontegenzeggelijk aangetoond kunnen worden dat het in Palestina destijds absoluut deze functie niet had.
    Bovendien las ik in een commentaar dat het zout zijn kracht kon verliezen, wanneer het met vochtigheid in aanraking kwam, want dan loste het zout op, en bleven alleen de niet-zoutende kristallen over.
    Voor mij is de ene uitleg niet beter dan de ander; maar het moet voor mij persoonlijk altijd wel een logische verklaring zijn.
    En dan heb ik een beetje moeite met een woord als land, wat hier dan ineens oven zou betekenen.
    Wanneer het op meerdere schriftplaatsen eveneens deze betekenis zou hebben (of zou kunnen hebben), overtuigt mij dat meer.
    Broedergroet, Ed

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Ha Ed,

    De opmerking over alle vindplaatsen in het NT die volgens Pilch deze betekenis aangaven ging niet over land, maar over zout. De opmerking over 'oven' betekent niet meer dan dat het woord 'arets' (in het NT vertaald met het Griekse 'gè'), dat zowel land als aarde kan betekenen SOMS ook gebruikt kan worden voor oven, net zoals wij de materiaalnaam glas ook kunnen gebruiken voor een voorwerp waaruit wij drinken, dat van de stof glas is gemaakt. In dit verband is het nog aardig dat Jezus zegt, dat Hij vuur is komen werpen op de aarde - of in de oven? Zou hier misschien een mogelijkheid zijn. Misschien.... Want het Grieks heeft deze link tussen aarde/land en oven niet. Maar uitgaande van de cultuur en taal van de schrijver bestaat die mogelijkheid wel.
    Alles bij elkaar voegt deze interpretatie voor mij iets toe aan de teksten die ik altijd vanuit een andere interpretatie heb gelezen. Zoals zo vaak is de Schrift niet beperkt tot één mogelijke uitleg, maar blijkt er weer een nieuwe laag aageboord te kunnen worden. En dat zout een conserverende werking heeft en smaakmaker is blijft natuurlijk óók overeind staan. De vraag is alleen of de nadruk in het NT op deze functies ligt of juist op de 'nieuwe' functie van katalysator. Ik laat het graag aan de lezer over hoe die daar over oordeelt.

    BeantwoordenVerwijderen